Posts tonen met het label Turken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Turken. Alle posts tonen

dinsdag 19 juni 2012

Scharren bij St. Job en Turken in de Hasselt

Onder de naam ´Heemkunde Tilborch Werkgroep Dialect´ zijn er in 1978 diverse interviews afgenomen waarin zowel de interviewer als de ondervraagden ´stads meej Haajkaants´ praten. De interviews zijn vastgelegd op cassettebandjes, een medium dat de ´ouderen´ onder ons nog wel kennen. Vijfentwintig jaar later (anno 2012) heeft Stadsmuseum Tilburg deze bandjes laten digitaliseren. Deskundigen in het schrijven van de Tilburgse spelling hebben de opdracht gekregen om de interviews uit te schrijven - exact zoals ze het horen. Dat betekent dat het Tilburgs en Nederlands afwisselend gesproken wordt.


In het hieronderstaande fragment is de heer Nouwens aan het woord. Zijn interviews zijn vastgelegd op cassettebandjes 9 en 10 waarop de volgende tekst:

Band 9
Kant 1: Duiven, spelletjes, weverij
Kant 2: Algemeen
Samenstellers: Marc Zeegers en Rolf Janssen
Datum: 2 mei 1978
Ondervraagde: Nouwens


Band 10
Kant 1: Algemeen
Kant 2: Algemeen
Samenstellers: Rolf Janssen en Trix Doomernik
Datum: 15 en 22 mei 1978
Ondervraagden: Nouwens + Piet Staps en zijn vrouw

Interview met de heer Nouwens
….dòrstraks ok oover al die heiligendage èn zo hè.. hèdde dan bevobbeld ok dègge..e.. e..  op bedevaart gingt of zo naar st job en zo?
Jèzeeker, jaoao, dè was en attraksie, Sint Job.
Hoezo was dè en attraksie?
Ooo …daor gingde die scharren haole, scharre.
Wè zèn dè?
Jè scharre!!!
Vis..
Vis!
Oo vis!
Dè was dieje Sint Job, dè was in Bèèrkel-En…., in, in, in Enschot!
Dòr zonge ze geleuf ik en liedje van e.. nou gòn we nòr Sint Job op enen êezel op enen êezel.
Jaajaa, jè, mar ik zèg oe nògmaals ik, daor zèèk nie zo in tèùs, tis jammer genòg, dan zodde die mènse moeten hèbbe niewaor die e.., die dè weete. Mar jè dè was, dè was vruuger en attraksie, êen mei dè was en hil grôote attraksie, dè doen ze nòg.
Naar Den Bosch.
Nòr Den Bosch, te voet nòr Den Bosch, mar dè was en hil grôote attraksie.
En hoe ging dè gewoon ok wir meej en hille klub öt de buurt?
Jè…
En dan zingend, offe…?
Oôoôo, et grotste plezier!
Ik hèb ok wèl es geheurd dèsse bij Berkel-Enschot naar die bedevaart naar Sint Job, dèsse dè voral ok dinne  om mèskes te versiere!
Oôoôo, dè gebeurde netuurlek vruuger nèt zo eeve goed  as nouw, hè..
Mar dè zit ik me nèt af te vraoge, was dè, want dè was geloof ik vroeger ok wèlles haat en nijd zo af en toe tusse verschillende wijken in Tilburg!
Oo jawel, jèjèjèjèjèjèjèjè, van geene kaant èn van hier..
Wat is dat de Hasselt of zo?
Wèblief?
Is dat de Hasselt “ginne kaant”?
Geene kaant is de Hasselt jè, dè noemde wij dè. Jè, dè waare de Turke.
Waare dè andere mensen?
Nèù dè waare wèl e…andere mènse, wè zak zègge, agge nou, dè zèn ze nòg…

Uitwerking interview Hans Hessels

dinsdag 21 februari 2012

'Behoud van eigen taal en cultuur', Turken in Tilburg

Jetske van der Velden onderzoekt de taalverwerving van de Turken in de gemeente Tilburg. Zij zoekt daarvoor onderzoek in Regionaal Archief Tilburg.

De eerste twee deelvragen van mijn onderzoek naar de geschiedenis van het taalverschil tussen Turken en Tilburgers zijn: 'Wanneer kwamen de eerste Turken naar Tilburg?' en 'Wat waren de redenen voor hun komst?' Inmiddels heb ik op deze twee vragen al een duidelijk antwoord. In de loop van de jaren zestig kwam de stroom Turkse gastarbeiders op gang, helemaal toen Nederland in 1964 een wervingsovereenkomst met Turkije sloot. De Turken zelf kwamen voor het avontuur en het idee om veel geld voor hun families thuis te kunnen verdienen,  lokte hen wel aan. Nederland ontving de gastarbeiders met open armen, omdat er een schaarste was aan arbeidskrachten terwijl de economische groei toenam.

Met deze feiten op de achtergrond onderzoek ik nu hoe het contact tussen Turken en Tilburgers tot stand kwam, aan de hand van de derde deelvraag: ‘Hoe kwamen Turken en Tilburgers met elkaar in contact?’

Dit blijkt interessant te zijn, omdat in eerste instantie gedacht werd dat de Turken tijdelijk in Tilburg zouden verblijven. Het beleid van de overheid en de gemeente Tilburg was dan ook gericht op de verbetering van kansen voor buitenlanders, ‘maar op zo’n manier dat daarmee hen mogelijkheden voor terugkeer niet zouden worden ondermijnd’.  In eerste instantie bevorderde de gemeente Tilburg de integratie tussen Turken en Tilburgers dus niet, maar besteedde vooral aandacht aan ‘het behoud van eigen taal en cultuur’ van de Turken door hen eigen ruimtes te geven waar ze bijvoorbeeld hun godsdienst uit konden oefenen, en door op scholen het ‘Onderwijs in Eigen Taal en Cultuur' (OETC) in te stellen voor Turkse kinderen.  De eerste gastarbeiders woonden bij elkaar in pensions en hadden daarbuiten weinig tot geen sociale contacten. Pas toen de gezinshereniging op gang kwam en er hier en daar Turkse gezinnen komen wonen, kwam er in verschillende wijken en buurten wat contact op gang tussen Turken en Tilburgers. De gedachte van een tijdelijk verblijf van de gastarbeiders heeft de integratie dus duidelijk vertraagd.

Foto: Collectie Regionaal Archief Tilburg, Nederlandse studenten van de KLOS / Pedagogische Academie treden op voor Turkse kinderen onder leiding van de Turkse leerkracht Ali Akbas, uiterst links.

Wordt vervolgd, Jetske van der Velden