woensdag 10 oktober 2012

‘K vuul dek moet goan schèène!

Kurt van Kasteren schreef Stadsmuseum Tilburg de volgende mail:

Toen ik las dat het Stadsmuseum een project deed over de Tilburgse Taal was ik meteen enthousiast.
Ik zou vast en zeker twee hoogtepunten gaan beleven:
1.  Cees Robben en zijn prenten van de week
2.  Een optreden van de WindH

Mijn kinderen kennen alleen het Tilburgs van ons ´leesplèngske ´en vragen met enige regelmaat wat ook al weer een ‘Paoskiep’ is. Ik zou hen kennis laten maken met de cultus rondom de prenten van de week. En beter nog, life zouden zij kunnen genieten van de muziek die hun moeder, inmiddels mijn ex, tot wanhoop drijft. Echter wie schetst mijn teleurstelling dat ik slechts een tekst mag schrijven op deze blog. Geen “Kèèke of ie kèkt, en assie kèkt nie kèèke”, en al helemaal geen “ ‘k vuul dek moet goan schèène.  Maar ik vuulde dus wel dek moes goan schèène.  ***************

Het is behelpen maar is zal mijn best doen om toch iets goed te maken aan deze omissie. Vroeger las ik op donderdagochtend als allereerste de Prent van de Week in het Nieuwsblad van het Zuiden. Vervolgens moest ik regelmatig mijn ouders om een vertaling vragen. Zij waren net als ik geboren en getogen Tilburgers, maar ik werd ABN opgevoed. Gelukkig konden zij vrijwel altijd de vertaling geven en indien nodig de clou uitleggen. Het was met afstand de leukste ochtend van de week en de enige waarop ik moeiteloos mijn bed uit kon komen.
Inmiddels woon ik al 25 jaar boven de rivieren en kan ik mijn zachte G en rollende R alleen opfrissen tijdens familiebezoeken waarvoor ik mijn neven en nichten erg dankbaar ben. Mijn dochter van twaalf heeft wel eens moeite om de slaap te vatten. Ik lees haar dan een paar bladzijden voor uit een prentenboek van Cees. Deel 1 t/m 6 behoren inmiddels tot de nalatenschap van mijn ouders. Ik kan niet alles vertalen dus hulp was erg welkom geweest.

Erg verrast was ik toen ik tijdens een personeelsfeest in Breda getrakteerd werd op een optreden van “De WindH”.  De WindH was in 2010 het beste koor van Nederland en wat mij betreft zijn ze dat met afstand nog steeds. De WindH is een polyfoon koor dat ik als leek zou willen beschrijven als een koor waarvan de leden prachtig, meerstemmig, met klassiek geschoolde stemmen, geweldige maar onzinnige teksten zingen. Een enkele is gezongen in prachtig onvervalst ‘vèèrukus’ plat Tilburgs. ‘K vuul dek moet goan schèène.  Met teksten als  ‘k zet oe in de zèèk, schèèle bats, k zèè ut zat meej jouw gekwats’.  Helaas is het geen onderdeel van de tentoonstelling en zijn ze ook niet aanwezig tijdens de opening. Maar kopieer de onderstaande url naar je smartphone en speel hem af (over je oortjes natuurlijk) en geniet van onvervalst prachtig gezongen Tilburgs dialect.

Of beter nog laten we met zijn allen een flashmob organiseren om het Tilburgs te promoten. Ik stel voor dat we gelijktijdig waar we ook zijn op 16 november om 13:30 voor de bibliotheek  de volgende link af te spelen. http://www.youtube.com/watch?v=uSIL1K7bQvo&feature=related
Ik zal dan niet in Tilburg zijn want ik heb dan mijn kinderen net weer richting school gestuurd, maar ik doe mee zij het in Gouda. En ik ga het resultaat zeker zien op Youtube

Nu hoop ik maar dat er wel aandacht wordt besteed aan het zeer gezonde Tilburgs gerecht:  Sloojj meejj aaajj meejj juin.  Voor de niet Tilburgers: sla met ei met ui.

Veel plezier met deze prachtige taal

Met vriendelijke groet
Kurt van Kasteren

maandag 1 oktober 2012

Vur tweej kwartjes vlug bè den braandweer


Weer een uitgewerkt interview door Jane Peijen-Laureijs over twee kwartjes bonus om zo snel mogelijk bij de brandweer te zijn. ... En schôon stòltje van sociolinguïstiek ;-)

De brandweer … èn die brachte tweej kwartjes de stuk op.
Dè was allêen mar te doen òm zo snèl moogelek, zogaaw dè gebèld wòrre, zo snel
moogelek op …e… bij de brandweer, bij de brandweerkazèèrne te zèèn hè. Èn et gebeurde wèlles dèmme om drie uur  in êene keer van die … de bèl heurde èn dètter …e… èn dètter gevochte wòrt aon de lèùk ..e.. wie et vlugst durt gat was. Èn dan in oew ònderbroek ginge, ginge we wèg hè. Oover de straot xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx want dan koste der nie bij zèèn hè. Want dan kwaamde te laot meej den autoo.

Wat waren dat voor penningen, zinne?

Dat waare gewoone …e… we zak zègge …e… tweej schèfkes, hè. Èn die honge dan inne, in zon, in en bakske zogaaw ge bij den brandweer kwaampt, binne. Òf ge moest oewèègge …jè… òf ge moest oewèègge verkleeje netuurlek … en … oew brandweer …e… kleeding aon. Èn dan moeste op de waoge èn dan moeste wèg. Dan hadde vruuger himmòl van die hôoge waoges. Mar …e… in den ingang, zak mar zègge, agge bij den brandweer kwaampt … in den ingang bij, bij bij de kleedingzaol dòr hong … hong daor …e… zon bord èn der hongen dan die tweej pènninge. Èn dan had, hadde ied, ieder en penning aaf. Wie as irste èn twiddes was die ha tweej kwartjes èkstraa, hè. Èn dòr wòrre netuurlek om geknòkt … zogaaw moogelek … zo vlug moogelek bij de brandweer te zèèn.
Mar krèèdde gewôon en belooning vur …?

Jaoao, dòr wòrde gewôon vur betòld, hoor. De uure.
En ja, hoeveul krèèdde voor et … krèèdde per brand ötbetaolt òf ..?

Neueueuj, dè zèn gewôon uure …    

zaterdag 29 september 2012

Gerdèène, höskes of mannen en vrouwen bij mekaare



De eerdergenoemde audio-opnamen geven niet zozeer een visie op de taal van de stad, alswel een blik op de cultuur van weleer. In dit interview wordt ene heer Nouwens bevraagd op mannen en vrouwen die naar het bejaardenhuis gaan ofwel 'gesticht' aan de Lange Nieuwstraat. Jane Peijen-Laureijs schreef het interview uit.
 
Bleven die bij de kinderen inwonen of gingen ze die naar ouwemannenhuizen?

Die bleeve ammel bij de kindere.  Òf ze ginge wèlles nòr “et gesticht”.

Et gesticht worre dè genoeme …e… vroeger genoemd. Da was …e … vroeger was dè gesticht …e… de Lange Nuuwstraot.

Waor nou die … kgelêûf dèsse die nou ònt afbreeke zèn. Daor …e… van die …e… Teegenoover de èèsb…

De Pelikaanhal daar.

Teege, teegenoover de Pelikaanhal.

Mogen de mannen en de vrouwen niemer bij mekaar als ze oud waren?

Neueueu, da was en geval apart.

Ja?

Jao … gò …

Waren ze zolang nog bijelkaar …?

Ze hadde, ze hadde tòch van die …e… van die …e…

Höskes erbij.

Van die …e… van die höskes bij vur de man èn vrouw?

Ik gelêûf et wèl.

Jao, die mòchte wèl bijmekaar.

Tòg wèl ...?!

Mar onze vadder …

Een apart huis voor ouwe vrouwen en eentje voor ouwe mannen nog wel.

Jao, die wèl!

Da wèl, mar dè waare dan …e…

...voor weduwen en weduwnaren.

Jè, omdèsse tòch allêeneg waare.

Jao jao. …e… Onzere vadder die heej …e… dies gelêûf ik ok int gesticht gewist. Dies daor gestörve.

Mar die dan bij mekaare waare die …e… kreege dan een woonhuisje òf kaomer, dè weet ik persies nie, mar die mòchte wèl bij mekaare.

En in zo’n gesticht hadden ze daar zalen of eh…? Van die grote zalen of een eigen kamer?

Neueueu … Òòò, mèske tòg! As ge daor binnenkwaampt …e…jè…

Twas wèl zèùver èn prooper, mar agge die slaopgeleenegheeden had …

Dè was ene XXX zaol, zumme, zak mar zègge, zodègge, zodètte … öt de …e… der hongen ok mar gewoon, mar gewoon gerdèène tussen hè …

Der honge gerdèène tusse, der waare himmòl gin kaomers, witte wèl.

donderdag 27 september 2012

Eerste literaire wandeling groot succes!

Fons van den Hout
Cees van Raak vanaf zijn balkon
Op zondag 23 september 2012 organiseerde Stadsgidserij Tilburg een eerste literaire wandeling in het kader van de Taal van Tilburg . Deze was meteen al volgeboekt, 23 deelnemers liepen mee.

Onderweg kwamen bij de deelnemers uiteenlopende gevoelens boven. Er kon gelachen worden om de prenten van Cees Robben en om grappige stukjes over Tilburg van Kluun en Bart Chabot. Glimlachend werden herinneringen opgehaald bij teksten over Kuus Hersmis en Zot Joke. Bewogen stilte volgde op het gedicht 'De wisselwachter' van Antony Kok.
Enkele deelnemers waagden zich zelfs aan het voorlezen van teksten en prenten.
Hoogtepunten waren natuurlijk de optredens Van Cees van Raak, Ko de Laat en Jasper Mikkers, die vanuit verrassende locaties voordroegen uit hun werk. Zoveel literaire rijkdom had niemand in Tilburg verwacht.
Er volgen nog 3 wandelingen. Op 30 september en 14 oktober zijn nog enkele plaatsen vrij.

woensdag 26 september 2012

Over ´plat praten´ in talkshow Omroep Brabant


Taal en dialect zijn hot items gezien de toename van programma´s zoals ´Dat is andere taal´ van de NTR en Omroep Brabant. Deze laatste organiseerde een talkshow voorafgaand aan de serie van de NTR ´omdat het Brabants niet in een aflevering te vangen is´. Namens Tilburg is Karin Bruers vertegenwoordigd en Brabant door Jos Swanenberg.


Prof. Dr. Jos Swanenberg / Bron foto: Thuis in Brabant
Bruers is ´tuurlijk trots´ op haar dialectgebruik maar ´ook gewoon omdakket spreek´. Haar eerste taal was die van Tilburg, pas later leerde zij het ABN. ´Tweetalig opgevoed´, aldus de cabaretière. Maar Bruers maakt onderscheid tussen ´plat´ en ´dialect´. Taal is immers klankrijk, bevat woorden uit het Bargoens, Jiddisch en wordt door ouderen en jongeren door elkaar heen gebruikt. ´Plat´ is meer grof of laag bij de grond.

Ook prof. Jos Swanenberg benadrukt dat ´plat praten´ niet in de woordenschat zelf zit, maar dat die gekoppeld is aan de associatie met een houding, imago of door wat anderen ervan vinden. Dialect wordt volgens Swanenberg ook steeds nog geassocieerd met authenticiteit, lokaliteit en traditie.

Toch zijn er nieuwe woorden in opmars door o.a. urbanisering en globalisering. Nieuwe woorden zijn bijvoorbeeld ´smam´ en ´spap´. Zo is het dialect van de New Kids eveneens een mengelmoes van oud en nieuw woordgebruik. Weliswaar vandaag de dag zijn de jongeren verbonden aan ´Maaskantje´ maar oorspronkelijk afkomstig uit verschillende windstreken tot aan Curacao toe.

Dialect is onderscheidend in klanken en woordkeuze maar ´is niets meer (of minder) dan de omgangstaal van een bepaalde streek`, aldus Jos Swanenberg. ´Dialect moet niet, maar moet kunnen`.

vrijdag 21 september 2012

Mitje mèsje steeke in Tilburg

Ans van den Nieuwenhuijzen-Kuijters helpt mee met het uitschrijven van fragmenten die in de jaren ´60 en ´70 zijn opgenomen door een ´dialectwerkgroep´ die Tilburgers bevroeg op hun gewoonten en bezigheden. In onderstaand fragment lezen we over een spel dat vroeger gespeeld werd: 'mesje steken'.

Mèsje steeke, dè was, dè ging zôo.
Wanneer dègge naaw en lijn mòkte op de grond, mòkte en rèèchte lijn èn dan zètte hier en huudje in et midde, zètte derop èn dan gingde ok wir ene meeter òf zeuve der vanaf staon, van die lijn en dan gingde meej sènte gôoje.
Mar die der oover waare die din nie meej, mar as die sènte die op de meet laage die din wèl meej.
Èn dètter ammòl vur was, die din wèl meej èn dan waare ze………….zôn klèèn huukske, zôn huudje erop.
Èn stòpte daor naaw ene sènt in, dan was alles vur jou, mar de rèst  dè moeste himmòl opgôoje.
Allêen de sènte die eroover waare, oover de meet die din nie meej.
Die waare al die et dichste bij de meet hadde geleege, hè.
………………………………………………………………………die oover die streep waare.
Èn dan ginge we opgôoje èn dan zin we: oppers of mis.
Dès naa teegesworreg : kop of munt hè.
Èn dan gingde opgôoje èn dan de opperse die waare  vur ons.
Èn die vur degeene die opgôojde.
Èn de misse moese daor van afblèève.
Èn dan ging dan in et vervòlleg, dieje twidde dan…..
Bron afbeelding

zondag 9 september 2012

Angst voor uitsterven Tilburgse taol

Erik van Vliet (Radio Magnifique) spreekt namens de oudere generatie Tilburgers zijn bezorgdheid uit over het mogelijk uitsterven van dialecttaal. Dit interview tussen radio Magnifique en Stadsmuseum Tilburg vond plaats op 8 september 2012 tijdens 'De Opening'  van het UIT-seizoen in de Tilburgse Willem II-straat.


Het Stadsmuseum onderzoekt echter ook de hedendaagse taal. In een stad waar duizenden migranten en waar voortdurend generaties elkaar opvolgen, kun je misschien niet blijven vasthouden aan een taal die dateert van honderden jaren terug. Zo zeggen Tilburgers vaak 'houdoe' als afscheidsgroet, maar inmiddels is dat o.a. verworden tot 'doei', 'mooi', 'tot later' en 'heuj gaytje'!
Andere woorden die we signaleerden tijdens deze zonnige dag in de Willem II-straat waren: 'Ewa' om iemand te begroeten of gedag te zeggen; 'curry' als regelmatig gebruikt woord; 'mattie', 'cool', 'kaka', 'Jo!', 'chil', 'wat doe je?', 'vaag', 'lol', 'hippy', 'klootzak', 'maat', 'je moeder', 'vet', 'ieuw', 'ouwe', 'schat of scheetje', 'wat te fak', 'suboptimaal', 'koekwous', 'bandera', 'what's up', 'cool en flat', 'ruig' en 'echt he'.

Twee Slovenen (1985) en (1987) bezochten eveneens de stand van Stadsmuseum Tilburg. Ze wilden graag meedoen aan het onderzoek. Tilburgse woorden hadden ze niet, maar opschrijven in het Slovaaks was ook prima. Om iemand te begroeten of gedag te zeggen: 'serus' of 'nazdar'. Om aan te geven of iets leuk is, antwoorden de Slovenen met 'krasa' en voor 'niet leuk' met 'na hovno'. Een woord dat ze regelmatig gebruiken onder vrienden is 'husté' en het favoriete stopwoord is 'nechapem'.

De Taal van Tilburg is vandaag de dag intercultureel te noemen. Van alle kanten wordt deze namelijk beïnvloed door allerlei factoren. Het Tilburgs dialect en de specifieke klanken spelen daarin weliswaar nog door, maar zijn evenzo aan dynamiek onderhevig. Helaas voor Van Vliet en de door hem genoemde ouderen die het dialect willen bewaren.