woensdag 7 november 2012

Mondelinge overlevering: `t pestorke z`n bruukske

Dat de taal van Tilburg onder andere gebaseerd is op mondelinge overlevering, bewijst deze bijdrage van Sjef Verhoeven. Zo geeft hij aan dat het verhaal van de pastoor en zijn broek al verschillende generaties meegaat en op diverse locaties in Brabant wordt verteld: 

1. Met lacunes Jet Lafèbre (Tilburg, 1912) (haar als kind verteld door Jet Scheepkens uit Eindhoven)
2. Tekst door de moeder van Leni de Bruyn (Tilburg)
3. Tekst gevonden door Cor Swanenberg op Mariaoord
4. Een fragment door J. Verhagen (1941) Schijndel
5. Tekst aan Brabants Buukske gezonden door Nettie Tonissen

We zullen 'es een bekske thee gon zette. Doe wa waoter op de moor
en dan za'k oe swèls vertelle van 'nen heelen auwen pestoor.
Dieën pestoor die wonde-n-in Pruise, of nee, in Limburg, geleuf ik host.
Och nee, och nee, 't was in Braobant. Dieën pestoor ha slèècht z'ne kost.

Hij was èrem, bitter èrem, mar hij gaaf ok alles weg
on de èrme van z'n perochie. Jè, 't is waor al wa'k oe zeg!
Vur z'n evenaoste zô-t-ie loope dur't grotste vuur.
IJvrig zaat ie in den biechtstoel 's aoves soms tot ellef uur.

Op 'nen zaoterdag-'n-aovond kwaam ie hil laot uit de kèrk.
"Mieke", zee-t-ie tot z'n dienstmèid, “'k heb vur jouw nog 'n bietje wèrk."
"Och pestoor, lo'me toch te bed gaon, 't is al zo verschrikkelijk laot.
Midden in de naacht nog wèrke? Nee, pestoor, da's nou ginne praot!"

Wie wil weten hoe het verhaal van de pastoor en zijn broek en zijn dienstmeid verder gaat, leest door op de website CuBra

Leesplènkske, nu ook in het Gôols

Op zaterdag 24 november is in Goirle het Gôols Leesplènkske ten doop gehouden, tijdens een Gôols Kefeej. Nee, geen Taal van Tilburg, maar toch wel heel erg mooi om te vermelden! Brabants Dagblad publiceerde erover op dinsdag 27 november2012.

Enkele bijzondere woorden uit het Gôols zijn ballefrutter, brôbôliekan, nissels en gummiegallege.
 
Bron: Brabants Dagblad 27 november 2012

maandag 5 november 2012

Is het erg? Bende gek!

Op donderdag 1 november besteedde Brabants Dagblad uitgebreid aandacht aan het project Taal van Tilburg. Henri van der Steen interviewde Petra Robben, die het project al vanaf begin 2012 begeleidt. Het Tilburgs verandert. Woorden die vroeger veel gesproken werden in Tilburg, hoor je bijna niet meer. De vraag komt dan op of dat erg is. Is het jammer dat het geknauw verdwijnt? Petra geeft haar visie.

zondag 4 november 2012

Nieuwe generaties



Bij de expo 'Taal van Tilburg' die sinds deze week te zien is in de bibliotheek aan het Koningsplein, staan twee jonge meiden bij het videoscherm. 'Leuk!', zo wijzen ze naar Timmietex en Steven Brunswijk.
 
Het zijn filmpjes van de ‘rasechte Tilburger’ Tim van Dongen onder de naam ‘Timmietex’. Al eerder wijdden we hier een blogpost aan onder de kop: 'Timmietex: Ik ben een kruikenzeiker, kèndem?' en 'Wat is jullie taal?' Nog niet besproken in dit blog maar toch ook ‘enen èchte kruikezeiker’ kan Surinamer Steven Brunswijk worden genoemd die opgroeide in Tilburg-Noord en later in Oud-Noord. Brunswijk werkt als portier in de Tilburgse binnenstad en treedt sinds kort naar buiten als cabaretier.
 
Brunswijk hanteert een eigen jargon, afwisselend dialect en ABN, als hij ´die tori vertelt over een blufmarokkaan´ die de tent binnen wil waar de Braboneger portier is. Landelijk maar ook lokaal anticipeert de Braboneger aldus op de hedendaagse maatschappij. Zo sluit hij zich aan bij de Tilburgse carnavalstraditie door het schrijven van een hit: ‘Gewoon betale’. ‘Hedde gij ’t moeilijk? Witte wa? Wa, nou crisis? Uit die WW! Nie mauwe, werke me die klauwe.’
 
In de expositie ´Taal van Tilburg´ zijn deze filmpjes opgenomen om te laten zien dat de taal overgenomen / meegedragen wordt door de ´nieuwere´ generaties: jongeren die geboren en getogen in Tilburg zijn en waarvan de ouders al dan niet autochtone inwoners zijn. De taal van Tilburg is niet langer dialect of ABN: het is een mengelmoes van een vernieuwde, veranderde taal.

vrijdag 2 november 2012

Taal van Tilburg Tentoonstelling en Dag



De maand november staat de Tilburgse taal centraal in de bibliotheek aan het Koningsplein. De hele maand is er een gevoelige tentoonstelling over het Tilburgs: verrassend, grappig, verbijsterend, herkenbaar en leerzaam. Op 16 november is er een middag vol verleidingen. Met een tiental sprekers die binnen het kwartier hun talige punt moeten maken. Helaas zijn er geen kaarten meer te verkrijgen voor deze dag.

Stadsmuseum & taalcrack
Dat taal ‘egnie’ saai is, bewijst het project ‘Taal van Tilburg’. Het Stadsmuseum deed er in 2012 luchtig onderzoek naar, samen met een waaier aan (vaak serieuze) partners. Op de slotmanifestatie ‘Taal van Tilburg Dag’ laat een aantal van zich horen. Zoals de professoren Jos Swanenberg en Arnoud-Jan Bijsterveld en de schrijvers Jace van de Ven, Ed Schilders en Paul Spapens. Ook gevarieerd zijn de intermezzo’s van andere taaltalenten: Esther Porcelijn, Frank van Pamelen, Ferry van de Zaande, de Braboneger en rapper Timmietex. Uiteraard gaat het Stadsmuseum - bij monde van dialectcrack Petra Robben - in op het hoe en wat van het project.

Zien, horen & beleven
Aanleiding voor ‘Taal van Tilburg’ waren de dialectkaartjes die het Stadsmuseum kreeg van taalkenner Wil Sterenborg. Doel was een brug te slaan tussen vroeger tijden en vandaag de dag. Activiteiten waren er veel: van een tekstorgel tot stadswandelingen, van woordkaartjes tot serieus onderzoek. En de resultaten? Die mogen er zijn. Er zal op 16 november volop over gesproken worden. Bovendien is er de tentoonstelling. De hele maand november te zien, te horen en te beleven in de bibliotheek op het Koningsplein. Laat u bijpraten over de Tilburgse jongerentaal anno 2012, geniet van oude interviewfragmenten, schrik van graffititeksten, lach om de bedenksels van Tilburgse grapjassen.



woensdag 10 oktober 2012

‘K vuul dek moet goan schèène!

Kurt van Kasteren schreef Stadsmuseum Tilburg de volgende mail:

Toen ik las dat het Stadsmuseum een project deed over de Tilburgse Taal was ik meteen enthousiast.
Ik zou vast en zeker twee hoogtepunten gaan beleven:
1.  Cees Robben en zijn prenten van de week
2.  Een optreden van de WindH

Mijn kinderen kennen alleen het Tilburgs van ons ´leesplèngske ´en vragen met enige regelmaat wat ook al weer een ‘Paoskiep’ is. Ik zou hen kennis laten maken met de cultus rondom de prenten van de week. En beter nog, life zouden zij kunnen genieten van de muziek die hun moeder, inmiddels mijn ex, tot wanhoop drijft. Echter wie schetst mijn teleurstelling dat ik slechts een tekst mag schrijven op deze blog. Geen “Kèèke of ie kèkt, en assie kèkt nie kèèke”, en al helemaal geen “ ‘k vuul dek moet goan schèène.  Maar ik vuulde dus wel dek moes goan schèène.  ***************

Het is behelpen maar is zal mijn best doen om toch iets goed te maken aan deze omissie. Vroeger las ik op donderdagochtend als allereerste de Prent van de Week in het Nieuwsblad van het Zuiden. Vervolgens moest ik regelmatig mijn ouders om een vertaling vragen. Zij waren net als ik geboren en getogen Tilburgers, maar ik werd ABN opgevoed. Gelukkig konden zij vrijwel altijd de vertaling geven en indien nodig de clou uitleggen. Het was met afstand de leukste ochtend van de week en de enige waarop ik moeiteloos mijn bed uit kon komen.
Inmiddels woon ik al 25 jaar boven de rivieren en kan ik mijn zachte G en rollende R alleen opfrissen tijdens familiebezoeken waarvoor ik mijn neven en nichten erg dankbaar ben. Mijn dochter van twaalf heeft wel eens moeite om de slaap te vatten. Ik lees haar dan een paar bladzijden voor uit een prentenboek van Cees. Deel 1 t/m 6 behoren inmiddels tot de nalatenschap van mijn ouders. Ik kan niet alles vertalen dus hulp was erg welkom geweest.

Erg verrast was ik toen ik tijdens een personeelsfeest in Breda getrakteerd werd op een optreden van “De WindH”.  De WindH was in 2010 het beste koor van Nederland en wat mij betreft zijn ze dat met afstand nog steeds. De WindH is een polyfoon koor dat ik als leek zou willen beschrijven als een koor waarvan de leden prachtig, meerstemmig, met klassiek geschoolde stemmen, geweldige maar onzinnige teksten zingen. Een enkele is gezongen in prachtig onvervalst ‘vèèrukus’ plat Tilburgs. ‘K vuul dek moet goan schèène.  Met teksten als  ‘k zet oe in de zèèk, schèèle bats, k zèè ut zat meej jouw gekwats’.  Helaas is het geen onderdeel van de tentoonstelling en zijn ze ook niet aanwezig tijdens de opening. Maar kopieer de onderstaande url naar je smartphone en speel hem af (over je oortjes natuurlijk) en geniet van onvervalst prachtig gezongen Tilburgs dialect.

Of beter nog laten we met zijn allen een flashmob organiseren om het Tilburgs te promoten. Ik stel voor dat we gelijktijdig waar we ook zijn op 16 november om 13:30 voor de bibliotheek  de volgende link af te spelen. http://www.youtube.com/watch?v=uSIL1K7bQvo&feature=related
Ik zal dan niet in Tilburg zijn want ik heb dan mijn kinderen net weer richting school gestuurd, maar ik doe mee zij het in Gouda. En ik ga het resultaat zeker zien op Youtube

Nu hoop ik maar dat er wel aandacht wordt besteed aan het zeer gezonde Tilburgs gerecht:  Sloojj meejj aaajj meejj juin.  Voor de niet Tilburgers: sla met ei met ui.

Veel plezier met deze prachtige taal

Met vriendelijke groet
Kurt van Kasteren

maandag 1 oktober 2012

Vur tweej kwartjes vlug bè den braandweer


Weer een uitgewerkt interview door Jane Peijen-Laureijs over twee kwartjes bonus om zo snel mogelijk bij de brandweer te zijn. ... En schôon stòltje van sociolinguïstiek ;-)

De brandweer … èn die brachte tweej kwartjes de stuk op.
Dè was allêen mar te doen òm zo snèl moogelek, zogaaw dè gebèld wòrre, zo snel
moogelek op …e… bij de brandweer, bij de brandweerkazèèrne te zèèn hè. Èn et gebeurde wèlles dèmme om drie uur  in êene keer van die … de bèl heurde èn dètter …e… èn dètter gevochte wòrt aon de lèùk ..e.. wie et vlugst durt gat was. Èn dan in oew ònderbroek ginge, ginge we wèg hè. Oover de straot xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx want dan koste der nie bij zèèn hè. Want dan kwaamde te laot meej den autoo.

Wat waren dat voor penningen, zinne?

Dat waare gewoone …e… we zak zègge …e… tweej schèfkes, hè. Èn die honge dan inne, in zon, in en bakske zogaaw ge bij den brandweer kwaampt, binne. Òf ge moest oewèègge …jè… òf ge moest oewèègge verkleeje netuurlek … en … oew brandweer …e… kleeding aon. Èn dan moeste op de waoge èn dan moeste wèg. Dan hadde vruuger himmòl van die hôoge waoges. Mar …e… in den ingang, zak mar zègge, agge bij den brandweer kwaampt … in den ingang bij, bij bij de kleedingzaol dòr hong … hong daor …e… zon bord èn der hongen dan die tweej pènninge. Èn dan had, hadde ied, ieder en penning aaf. Wie as irste èn twiddes was die ha tweej kwartjes èkstraa, hè. Èn dòr wòrre netuurlek om geknòkt … zogaaw moogelek … zo vlug moogelek bij de brandweer te zèèn.
Mar krèèdde gewôon en belooning vur …?

Jaoao, dòr wòrde gewôon vur betòld, hoor. De uure.
En ja, hoeveul krèèdde voor et … krèèdde per brand ötbetaolt òf ..?

Neueueuj, dè zèn gewôon uure …